Parse error: syntax error, unexpected '.' in /data/home/luip01/domains/luipaardgekko.nl/public_html/wp-content/plugins/wysija-newsletters/index.php(1) : regexp code(1) : eval()'d code(4) : eval()'d code on line 1
Kweek | Luipaardgekko.nl

geslachtsrijp

Het gewicht is belangrijker dan de leeftijd voor de geslachtsrijpheid van veel reptielen. Dit geldt ook voor de luipaardgekko. Ze zullen geslachtrijp zijn zodra ze ongeveer 35 gram wegen. In de praktijk is dit, afhankelijk van de temperatuur waarmee ze opgroeien, ergens tussen de 10 maanden en 2 jaar. Veel kwekers beginnen pas met kweken zodra ze de 50 gram hebben bereikt. Kweken is voor het vrouwtje heel intensief, daarom is het belangrijk dat ze een vetvoorraad heeft.

condities

Behalve dat ze op het juiste gewicht moeten zijn, is het ook belangrijk dat ze gezond zijn. Een gekko die kort geleden zijn staart is verloren moet je apart zetten tot de staart weer is aangegroeid. Bedenk ook dat ei-leggende vrouwtjes meer behoefte hebben aan voedsel en calcium/vitaminen. Veel kwekers hebben een kweekgroep. Dat houdt in dat ze een groter terrarium hebben met daarin een mannetje met verschillende vrouwtjes. Voor kwekers is dit voordelig, omdat je voor de kweek slechts één mannetjes nodig hebt. Ik benadruk nog maar een keer dat er maar één mannetje per terrarium mag zijn.

eileg

Het broedseizoen is van januari tot en met september maar verschilt per gekko. Desondanks kunnen luipaardgekko’s in gevangenschap het hele jaar door eieren leggen. Het is echter beter om die drie maanden rust er in te houden om de vrouwtjes wat rust te geven, zodat ze weer op sterkte zijn als het volgende broedseizoen begint. Dit kun je, als het niet vanzelf gaat, doen door de temperatuur iets te verlagen.

Eileg in vochtig veenmos..

Per keer worden er twee eieren gelegd, een heel enkele keer komt het voor bij vooral jonge of oude vrouwtjes dat ze maar één ei leggen. Het eerste broedseizoen zal een vrouwtje meestal twee of drie keer twee eieren leggen. De jaren daarna wordt dit vijf of meer. Na een aantal jaren zal het vrouwtje minder eieren leggen en als ze een jaar of 12 is helemaal stoppen met leggen. Vanaf een aantal dagen voordat de eieren gelegd worden zijn de eieren zichtbaar door de buikwand. Als het vrouwtje daar de gelegenheid voor heeft zal ze de eieren op een vochtige plek leggen. Zet daarom een donker bakje met vochtig vermiculiet of veenmos in het terrarium. Doe je dat niet dan zal ze de eieren in het zand neerleggen en drogen ze al snel uit. Veenmos is bij de meeste tuincentra verkrijgbaar. Voor vermiculiet zul je naar een dierenspeciaalzaak moeten.

broed

Eenmaal gelegde eieren moeten blijven liggen zoals ze liggen. Dit betekent niet dat je ze niet kunt verplaatsen, maar dat je de bovenkant boven moet houden. Als het ei toch omgedraaid wordt kan dit betekenen dat het embryo afsterft. Om er zeker van te zijn dat de bovenkant boven blijft kan er met een stift een stip op de bovenkant van het ei gezet worden.
De eieren worden uitgebroed in een incubator. Incubators zijn er in verschillende soorten en maten. Een ideale incubator is een oude ziekenhuis couveuse, maar is moeilijk verkrijgbaar en een beetje te groot voor de hobbyist. Er zijn goede incubators verkrijgbaar bij de terrarium speciaalzaken, maar vaker nog worden ze zelf gemaakt. Dit is redelijk gemakkelijk en niet erg duur.

In de incubator kun je het zelfde substraat gebruiken als het bakje waar de eieren in gelegd zijn. Het idee van een incubator is om de eieren op de juiste temperatuur en luchtvochtigheid te houden. De eieren nemen vocht op uit de lucht en kunnen zodoende groeien. Het substraat in de incubator mag niet te nat zijn. Dan kan het zijn dat de druk in het ei te groot wordt. Als gevolg hiervan wordt het ei semi-transparant. Is het te droog dan zullen de eieren invallen. Houdt de eieren de eerste tijd dus goed in de gaten, zodat je er tijdig bij bent als het verkeerd gaat.

Test ruim van te voren je incubator! Een incubator kalibreren kost best wel wat tijd, begin er dus tijdig mee. Het is beter om de eieren nog even in het terrarium te laten (mits ze in een vochtig substraat liggen) en de incubator te testen, dan overhaast de eieren er in te plaatsen en ze vervolgens te oververhitten. Laat de incubator een dag aan staan en check daarna regelmatig de temperatuur. Wacht na elke verandering van de instelling van het verwarmingselement minimaal een uur. Dan kan de nieuwe temperatuur tot stand komen en krijg je geen jojo effect. Voor het kalibreren kun je een normale thermometer gebruiken. Handiger is een digitale thermometer met een binnen en buiten sensor. Dan kun je van buiten af gemakkelijk de temperatuur af lezen. Wel is het dan verstandig om nog een normale thermometer te gebruiken ter controle, omdat zeker de goedkopere digitale thermometers nog een redelijke afwijking kunnen hebben.

Links: een anderhalve maand oud ei dat elk
moment uit kan komen
Rechts: een ei van nog geen dag oud

Op het plaatje aan de rechter kant kun je zien dat een ei nog flink groeit nadat het gelegd is. Het geslacht van de luipaardgekko wordt bepaald in de eerste twee weken van de incubatie. Daarom is de temperatuur die gehandhaafd wordt in de incubator afhankelijk van het beoogde doel. Bij 28°C komen er vooral vrouwtjes uit het ei kruipen, bij 32°C vooral mannetjes en bij 30.5°C half om half. Zodoende kan het geslacht redelijk bepaald worden. Ik zeg redelijk, omdat dit nooit voor 100% op gaat. Ook bij 32°C kunnen er nog vrouwtjes uitkomen en dat zelfde geldt voor mannetjes bij 28°C. Bovendien zijn de meeste incubators niet zo stabiel dat je ze op de graad kunt afstellen. Hiervoor moet je met een ziekenhuis couveuse werken. Helemaal zeker weten doe je het dus niet, maar je hebt wel een goede kans dat het beoogde geslacht daadwerkelijk uit het ei komt. Bij zo’n 34°C ontwikkelen de eieren zich ook overwegend tot vrouwtjes, maar dit is niet aan te raden, omdat de bovengrens van 35°C er erg dicht bij zit. Het is ook gebleken dat vrouwtjes die geïncubeerd zijn bij een temperatuur van 32°C en hoger vaker agressief gedrag vertonen. De ondergrens ligt net onder de 24°C. De temperatuur beïnvloed ook de duur van de incubatie. Bij 24°C komt het ei na zo’n 15 weken uit en bij 32.5°C duurt het iets meer dan 5 weken. Bij temperaturen boven de 32.5°C duurt het weer langer.

Een studie van Brian Viets heeft ook uitgewezen dat de incubatie temperatuur invloed heeft op het pigment van de jongen. Het is gebleken dat luipaardgekko’s uitgebroed bij lagere temperaturen duidelijk meer zwart pigment hebben dan hun broertjes en zusjes die bij hogere temperaturen uitgebroed zijn.

jongen

Als de eieren eenmaal uitgekomen zijn, is het moeilijkste deel achter de rug. De huisvesting is eenvoudig. Houdt ze het liefst apart of per twee. Zo voorkom je voedselcompetitie en is ook de leeftijd bij te houden. Meer kan ook, maar zorg

Een net uitgekomen gekko naast een euro

dan voor voldoende voedsel en ruimte per dier. Gebruik keukenpapier of krant als substraat. Het is niet verstandig ze op zand te houden, omdat verstoppingen door zand bij jonge gekko’s niet zeldzaam zijn. Verder moet er altijd een bakje met schoon water staan en moet er een schuilplek zijn. Iets wat niet noodzakelijk is, maar wel regelmatig wordt gedaan is een schaaltje met het preparaat voor het voedsel in de bak te zetten, zodat ze hier eventueel tekort aan calcium/vitaminen kunnen aanvullen. Pas uitgekomen jongen kunnen schreeuwen. Oudere luipaardgekko’s zul je dit niet meer horen doen. Je kunt het geluid beluisteren door

Het geschreeuw van
een luipaardgekko jong.

op het play knopje te druken in het venster hier naast. Je hebt geen hele grote bak nodig, een acht liter bak is prima voor de eerst maanden. Voor licht en temperatuur geldt het zelfde als voor volwassen dieren. Voor iemand die meerdere bakken met jongen heeft is het handig om de nachttemperatuur centraal te regelen. Dit kan door bijvoorbeeld de bakken in een kast te zetten met daarin een gekleurde lamp. Voor overdag is het lastiger om het centraal te regelen, omdat daglicht wel direct in de bak moet vallen en je ze dus niet boven elkaar zou kunnen zetten.

Net uit het ei gekropen..

De eerste levensweek teren de jongen nog op de energievoorraad uit het ei (niet de eierschil!, die kan verwijderd worden). Na ongeveer een week beginnen de jongen te eten. Voer ze elke één of twee dagen de kleinste maat (zo’n 3 weken oude) krekels en vergeet niet deze te bestuiven met het calcium/vitaminen preparaat. Ook kleine meelwormen en buffalowormen kunnen aangeboden worden in een bakje met het calcium preparaat.

Leave a Reply